Legvoorschriften 2022 (concept-versie)

(deze versie toont de tussentijdse bevindingen van de deskundigencommissie)

10.1. Inleiding en typologie

Laminaat is een afwerkvloer van kunststof die uit drie lagen bestaat:

  • de drager, doorgaans bestaand uit MDF (medium density fiberboard) of HDF (high density fiberboard), met aan de bovenzijde:
  • een dessinlaag van melamine of HPL (high pressure laminate), en aan de onderzijde:
  • een tegendrager (verlijmd met de drager) van eveneens melamine of HPL.

De elementen zijn rondom voorzien van een clicksysteem: lijmloos aan elkaar te klikken elementen (zie figuur 8).

Laminaat is altijd prefab, dat wil zeggen dat de afwerking (zie hoofdstuk 12) fabrieksmatig is verzorgd. Er bestaan vele varianten qua maatvoering en dessin.

Legvoorschriften

  – 8103 TECHNIEK (2012)

Leg laminaat altijd los (zwevend) op een hiervoor geschikte tussenvloer. Zorg voor voldoende expansieruimte rondom het laminaatvloerveld, afhankelijk van de oppervlakte. Zorg ook voor dilatatievoegen over grote afstanden, vooral bij het doorleggen van laminaat naar aangrenzende ruimten. Volg bij dit alles de aanwijzingen van de leverancier/fabrikant.

  – 8104 TECHNIEK (2012)

Voor tussenvloer en vochtscherm, zie 8065 en 8066.